Ik schrijf tijd
Tijd die te snel gaat
tijd die te langzaam gaat
Tijd die nooit stil staat
Ik schrijf seconden
Slow motion
Gelijkmatig verdeeld
over uren en dagen
Ik schrijf minuten
De cijfers van de digitale wekker
verspringen per minuut
en laten me nog wat langer in bed liggen
Ik schrijf halve uren
Uren,
2
3
4
uur
Te kort de tijd
Om te doen wat ik zou willen doen
en te zeggen wat ik zou moeten zeggen
Ik schrijf dagen
weken
maanden
jaren
Ik schrijf dagen
van geluk
Dagen die voorbij vliegen
met vleugels van engelen
Ik schrijf
omdat ik niet goed weet wat ik moet
Ik schrijf tijd
Tijd die kostbaar is
En fantastisch
Ik beschrijf tijd
De tijd
die mij gegeven is
woensdag 2 oktober 2013
woensdag 20 maart 2013
Ik schrijf 15
Ik weet het niet
Ik weet niet
wat ik moet schrijven
al wil ik het wel
heel
erg
graag
Ik weet het niet meer
Ik ik ik...
Nee, niet ik
maar Iemand anders
Iemand groter dan mij
en sterker
Iemand die liever is
en grotere gedachten dan mij
Iemand
zoals God
Ik weet niet
wat ik moet schrijven
al wil ik het wel
heel
erg
graag
Ik weet het niet meer
Ik ik ik...
Nee, niet ik
maar Iemand anders
Iemand groter dan mij
en sterker
Iemand die liever is
en grotere gedachten dan mij
Iemand
zoals God
dinsdag 19 februari 2013
Ik schrijf 14
Alleen
ik moest volhouden
Alleen
ik moest door gaan
Ik moet van mezelf
Ik wil niet anders dan
alleen
zijn
Ik wil het anders
anders dan nu
Anders dan toen
Gewoon anders
beter
Laat het beter zijn
Beter dan toen
Beter dan nu
want alleen
dan kan het echt
beter zijn
alleen
zijn is nooit beter
Alleen
wel als het ophoud
Als de regen ophoud
Laat het op houden
en laat het beter zijn
Beter
dan
alleen
ik moest volhouden
Alleen
ik moest door gaan
Ik moet van mezelf
Ik wil niet anders dan
alleen
zijn
Ik wil het anders
anders dan nu
Anders dan toen
Gewoon anders
beter
Laat het beter zijn
Beter dan toen
Beter dan nu
want alleen
dan kan het echt
beter zijn
alleen
zijn is nooit beter
Alleen
wel als het ophoud
Als de regen ophoud
Laat het op houden
en laat het beter zijn
Beter
dan
alleen
maandag 11 februari 2013
Ik schrijf 13
Ik zat in het gras
En omdat het al weer een poos geleden was
dat ik Tom had gezien
besloot ik hem te bellen
En te vertellen dat ik hem mis
Dat missen van mensen,
dat is iets
waar ik niet zo goed bij kan
mijn gevoel
slaat op hol
en weet niet meer wat het moet doen
want wanneer je
je zo voelt
zoals ik me nu voel..
Ik hou de telefoon aan mijn oor
terwijl ik op een kaakje knaag
knaagt er tegelijk iets diep in mij
Een gevoel van
verlatenheid
en diepe angst
Afwijzing
en alleen zijn
Het zijn niet de dingen die ik wil voelen
Het liefst zou ik me de hele tijd voelen
Zoals
Alice
In wonderland
Die in een konijnen hol valt
en met elke stap die ze zet
een nieuw avontuur te gemoed gaat
Om telkens opnieuw
weer wakker te worden
Te vallen in die zelfde droom
En zelf keuzes te maken
Voor wat goed is
en wat niet
Tom nam niet op
En ik legde mijn hoofd op mijn armen
en sloot mijn ogen
In het gras.
dinsdag 5 februari 2013
Ik schrijf 12
Ik bevond me weer in de regen.
Stromen zilverdraad blijven maar komen.
Maar het deed me weinig.
Vooral mijn haar en kleding werden nat.
Water.
Over al.
Zo leek het tenminste.
Soms deed mijn fantasie het niet zo goed.
Moeheid overvalt me.
Ik hou me vast aan het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
Het muurtje is dicht bij de plek
waar ik Tom voor het eerst ontmoette.
Dat was al weer een poos geleden.
Toen regende het ook.
Net als nu.
Regenachtige strepen zilver.
De wereld om me heen vervaagde
en om me heen vormden zich plassen.
Ik zucht diep.
Een vlinder fladdert vlak langs mijn gezicht.
Vechtend tegen de regen.
Mijn hij wint het niet.
Bijna neergeslagen door de,
voor hem,
gigantische druppels,
land het beestje op het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
En die ik misschien maar weer eens afmoest breken.
Stromen zilverdraad blijven maar komen.
Maar het deed me weinig.
Vooral mijn haar en kleding werden nat.
Water.
Over al.
Zo leek het tenminste.
Soms deed mijn fantasie het niet zo goed.
Moeheid overvalt me.
Ik hou me vast aan het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
Het muurtje is dicht bij de plek
waar ik Tom voor het eerst ontmoette.
Dat was al weer een poos geleden.
Toen regende het ook.
Net als nu.
Regenachtige strepen zilver.
De wereld om me heen vervaagde
en om me heen vormden zich plassen.
Ik zucht diep.
Een vlinder fladdert vlak langs mijn gezicht.
Vechtend tegen de regen.
Mijn hij wint het niet.
Bijna neergeslagen door de,
voor hem,
gigantische druppels,
land het beestje op het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
En die ik misschien maar weer eens afmoest breken.
dinsdag 22 januari 2013
Ik schrijf 11
Eens even wat anders
op een andere manier
maar dan anders
Ik zou het wel willen.
Dat ik het kon.
Dat ik het anders kon, dan de anderen dat kunnen.
Maar ik kan het niet.
Anders zijn is ingewikkeld
Omdat als je iemand anders bent
Of als iemand anders wil zijn
Dan is dat oké.
Maar willen twee mensen
anders zijn,
dan is het al snel
dat ze dan iemand
anders zijn
En dus niet echt anders
Hetzelfde.
Ik probeer dus anders te zijn
Maar ik weet altijd:
anders tegelijkertijd
met iemand anders
anders zijn
Ik hou er van
Als je anders bent
en iemand anders
bent
Het maakt me gek
Het maakt jou leuk
Anders spelen
met woorden
Iemand anders
gek maken
Willen twee mensen
anders zijn,
dan is het al snel
dat ze dan iemand
anders zijn.
En dus niet echt anders.
Herzelfde.
Dus.
op een andere manier
maar dan anders
Ik zou het wel willen.
Dat ik het kon.
Dat ik het anders kon, dan de anderen dat kunnen.
Maar ik kan het niet.
Anders zijn is ingewikkeld
Omdat als je iemand anders bent
Of als iemand anders wil zijn
Dan is dat oké.
Maar willen twee mensen
anders zijn,
dan is het al snel
dat ze dan iemand
anders zijn
En dus niet echt anders
Hetzelfde.
Ik probeer dus anders te zijn
Maar ik weet altijd:
anders tegelijkertijd
met iemand anders
anders zijn
Ik hou er van
Als je anders bent
en iemand anders
bent
Het maakt me gek
Het maakt jou leuk
Anders spelen
met woorden
Iemand anders
gek maken
Willen twee mensen
anders zijn,
dan is het al snel
dat ze dan iemand
anders zijn.
En dus niet echt anders.
Herzelfde.
Dus.
zondag 13 januari 2013
Ik schrijf 10
Herhaling. Herhaling.
Ik snap het niet helemaal.
Niet altijd worden dingen herhaalt.
Er word herhaaldelijk naar mij geglimlacht.
Herhaaldelijk zit ik in de regen.
Herhaaldelijk zit Tom naast me en schets hij de facetten van mij gezicht.
Mijn kmon, mijn neus en ogen.
Mijn haar en wenkbrouwen.
Dat herhaalt hij.
Ik lees een boek. Ik lees het nog een keer.
Maar mensen doen
de zelfde dingen
te vaak nog een keer.
'De geschiedenis herhaalt zich.'
Zei mijn opa, maar hij leefde maar één keer.
Oke. Twee keer, maar het is geen herhaling.
Het heet leven, maar dan ergens anders.
Ik noem het hemel.
God noemt het ook hemel.
Het was twee keer leven.
Maar geen herhaling.
Als de geschiedenis zich herhaalt
is de wereld dom bezig.
Omdat twee keerr hetzelfde doen,
vaak saai is.
'Dus als je iets nog een keer doet,
doe het dan net anders.'
Dit vertelde mijn opa.
Hij leeft weer.
Maar hij valt niet in herhaling.
Hij schrijft
geschiedenis.
Ik snap het niet helemaal.
Niet altijd worden dingen herhaalt.
Er word herhaaldelijk naar mij geglimlacht.
Herhaaldelijk zit ik in de regen.
Herhaaldelijk zit Tom naast me en schets hij de facetten van mij gezicht.
Mijn kmon, mijn neus en ogen.
Mijn haar en wenkbrouwen.
Dat herhaalt hij.
Ik lees een boek. Ik lees het nog een keer.
Maar mensen doen
de zelfde dingen
te vaak nog een keer.
'De geschiedenis herhaalt zich.'
Zei mijn opa, maar hij leefde maar één keer.
Oke. Twee keer, maar het is geen herhaling.
Het heet leven, maar dan ergens anders.
Ik noem het hemel.
God noemt het ook hemel.
Het was twee keer leven.
Maar geen herhaling.
Als de geschiedenis zich herhaalt
is de wereld dom bezig.
Omdat twee keerr hetzelfde doen,
vaak saai is.
'Dus als je iets nog een keer doet,
doe het dan net anders.'
Dit vertelde mijn opa.
Hij leeft weer.
Maar hij valt niet in herhaling.
Hij schrijft
geschiedenis.
Ik schrijf 9
Het was koud.
En regenachtig.
Alweer.
Alweer vielen er mini, zilverachtige druppeltjes uit de hemel.
Bij God vandaan.
Ze zetten me aan het denken.
Zo als ik m altijd af vroeg als het regende.
Huilt God?
Het was koud.
En ik was buiten.
Alweer.
Een fijne kant aan koude dagen:
heldere nachten.
Vol met fonkelende, onbereikbare
en ontelbare sterren.
Alweer
zilverachtige druppeltjes uit de hemel.
Huilt God?
Want wie weet of het tranen zijn?
Misschien zijn het wel druppels
vreugde.
Druppels tranen van het lachen.
Huilt God?
Ja, Hij huilt.
Maar vreugde of verdriet?
Die vraag kan alleen Hij beantwoorden.
En ik droog mijn zilveren tranen.
En glimlach.
Alweer.
En regenachtig.
Alweer.
Alweer vielen er mini, zilverachtige druppeltjes uit de hemel.
Bij God vandaan.
Ze zetten me aan het denken.
Zo als ik m altijd af vroeg als het regende.
Huilt God?
Het was koud.
En ik was buiten.
Alweer.
Een fijne kant aan koude dagen:
heldere nachten.
Vol met fonkelende, onbereikbare
en ontelbare sterren.
Alweer
zilverachtige druppeltjes uit de hemel.
Huilt God?
Want wie weet of het tranen zijn?
Misschien zijn het wel druppels
vreugde.
Druppels tranen van het lachen.
Huilt God?
Ja, Hij huilt.
Maar vreugde of verdriet?
Die vraag kan alleen Hij beantwoorden.
En ik droog mijn zilveren tranen.
En glimlach.
Alweer.
woensdag 2 januari 2013
Ik schrijf 8
Fantaseren
iets wat ik graag doe.
Een beetje zo als Alice,
weg dromen bij de waterkant en een ongewoon wezen volgen,
die een vest draagt.
Vervolgens in een konijnenhol vallen en blootstaan aan de wreedheid van
de rode koningin.
Ik hou er van mij eigen wereld te bedenken.
En soms hé..
Soms paste Tom daar gewoon niet in.
Ik wilde mijn eigen weg zoeken
onafhankelijk zijn.
Maar als ik dan te lang weg was.
Dan kreeg ik zo'n gevoel van binnen.
Zo'n gevoel dat er iets niet klopt.
Het leek op pijn
maar was het net niet helemaal.
Het leek als of mijn hart het uitschreeuwd naar de
hemel
om hulp.
Het was als of de lucht veel minder blauw was,
het gras veel minder groen was
en de zon veel minder warm.
En die middag toen mijn gevoel me riep,
ik mijn ogen sloot
en
mijn
fantasie
me
mee
nam.
Het was toen dat ik me het realiseerde
en zachtjes fluisterde ik,
de wind nam mijn woorden mee:
'Ik mis je.'
iets wat ik graag doe.
Een beetje zo als Alice,
weg dromen bij de waterkant en een ongewoon wezen volgen,
die een vest draagt.
Vervolgens in een konijnenhol vallen en blootstaan aan de wreedheid van
de rode koningin.
Ik hou er van mij eigen wereld te bedenken.
En soms hé..
Soms paste Tom daar gewoon niet in.
Ik wilde mijn eigen weg zoeken
onafhankelijk zijn.
Maar als ik dan te lang weg was.
Dan kreeg ik zo'n gevoel van binnen.
Zo'n gevoel dat er iets niet klopt.
Het leek op pijn
maar was het net niet helemaal.
Het leek als of mijn hart het uitschreeuwd naar de
hemel
om hulp.
Het was als of de lucht veel minder blauw was,
het gras veel minder groen was
en de zon veel minder warm.
En die middag toen mijn gevoel me riep,
ik mijn ogen sloot
en
mijn
fantasie
me
mee
nam.
Het was toen dat ik me het realiseerde
en zachtjes fluisterde ik,
de wind nam mijn woorden mee:
'Ik mis je.'
Abonneren op:
Reacties (Atom)