Ik bevond me weer in de regen.
Stromen zilverdraad blijven maar komen.
Maar het deed me weinig.
Vooral mijn haar en kleding werden nat.
Water.
Over al.
Zo leek het tenminste.
Soms deed mijn fantasie het niet zo goed.
Moeheid overvalt me.
Ik hou me vast aan het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
Het muurtje is dicht bij de plek
waar ik Tom voor het eerst ontmoette.
Dat was al weer een poos geleden.
Toen regende het ook.
Net als nu.
Regenachtige strepen zilver.
De wereld om me heen vervaagde
en om me heen vormden zich plassen.
Ik zucht diep.
Een vlinder fladdert vlak langs mijn gezicht.
Vechtend tegen de regen.
Mijn hij wint het niet.
Bijna neergeslagen door de,
voor hem,
gigantische druppels,
land het beestje op het muurtje.
Waar ik me altijd aan vast hield.
En die ik misschien maar weer eens afmoest breken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten